Rozen behoren tot de meeste geliefde en bezongen planten. Rozen zijn bijna ieders lieveling en er zijn zoveel types dat iedereen er wel eentje naar zijn smaak vindt. Kiest u voor de dikke, volle en geurende bloemen van de oude en Engelse rozen of de overvloedige trossen enkele, witte bloemen van een ramblerroos? Rozen worden verkocht in pot of met blote wortel. Die laatste worden geplant van oktober tot mei. Potplanten zijn het hele jaar door te planten. Rozen vragen veel volle zon (minimum 4 uur) en een goede, vruchtbare grond. (Ze zijn gek op compost of (gedroogd) koemest)Voor alle rozen geldt dat regelmatig water en mest geven belangrijk is om prachtige, rijkbloeiende planten te krijgen.
Veel mensen menen dat rozen alleen maar ziektes kennen en dus lastige planten zijn. Echter hoeft dit niet zo te zijn, wanneer u op tijd ( liefst preventief ) de juiste middelen inzet en uw rozen ook zeker de juiste standplaats en grondsoort geeft kunt u deze ergernissen bijzonder goed in de hand houden, en zijn rozen uitermate mooie planten met een rijke bloei.
Bodembedekkende rozen zijn eigenlijk lage struikrozen, die met enkele bijeen of in grote oppervlakte kunnen worden geplant. Het zijn veelal robuuste, gemakkelijk te verzorgen rassen, die ofwel een dichte en gedrongen groeivorm hebben met talrijke loten, ofwel de grond bedekken met een dichte mat van lange, naar beneden gebogen of liggende loten. Bodembedekkende rozen kunnen de grond snel en goed bedekken en op die manier onkruid tegengaan. Bovendien bloeien ze rijkelijk tot laat in de herfst. Zo vormen ze een feestelijk alternatief voor de over het algemeen egaalgroene bodembedekkers. Bodembedekkende rozen zijn uitermate geschikt als groenvoorziening op steile hellingen of glooiingen, of om op muren te laten groeien zodat de lange loten naar beneden kunnen hangen. Ze zijn goed bestand tegen lichte schaduw, maar de diepere schaduw van bomen en struiken is nadelig. De meeste bodembedekkende rozen worden tegenwoordig vermeerderd door stekken en groeien dus op eigen wortel, zo behoren wilde grondscheuten tot het verleden. Regelmatig snoeien is niet gunstig voor deze soorten, maar wel mogelijk. Normaal verwijdert men in het voorjaar slechts zieke en dode loten.
Botanische rozen betekent niets meer dan wilde rozen. Rozen waarmee niet gekruist is en die gewoon in de natuur voorkomen. Ze bloeien vaak slechts éénmalig maar rijk, en deze bloei wordt gevolgd door mooie gekleurde bottels. Het zijn vaak oersterke planten die het niet al te nauw nemen met de grondsoort. Ze zijn ook uitermate geschikt voor hagen, wilde beplanting en op ongunstige, winderige plaatsen. Over het algemeen koopt men deze planten met losse wortels tussen november en april.
David Austin is eigenaar van een van Engelands meest toonaangevende rozenkwekerijen, gespecialiseerd in klimrozen en oude en moderne struikrozen. Hij werd geboren in 1925 en begon op vierjarige leeftijd te tuinieren. Hij kweekt en hybridiseert al meer dan 40 jaar rozen en hij wordt beschouwd als een expert op dit gebied. David Austins Engelse rozen vormen een kruising van oude en moderne rozen, waarbij hun beste kwaliteiten zijn verenigd, zónder de minpunten van beide klassen. Het gaat vaak om rozen met een mooie gekwartierde bloemvorm en een uitgesproken heerlijke geur.
De Engelse rozen hebben dezelfde tere charme en geuren als Oude rozen, terwijl ze net als de moderne roos een breed kleurenscala hebben en de hele zomer bloeien. Deze rozen komen het best tot hun recht als u ze aanplant in groepen van drie of tussen de vaste planten.
De vertegenwoordigers van deze groep hebben trossen met relatief grote bloemen (8cm doorsnede). Verder kenmerken Floribunda-rozen zich door een bossige groei tot een hoogte van 1m, afhankelijk van de vruchtbaarheid van de grond. Bijzonder is dat deze roos ook onderin goed vol bebladerd is, waardoor geen struik op 'pootjes' ontstaat. Hierdoor leent hij zich ook voor haag- of vakbeplanting. Een goede plantafstand is dan 50 tot 60cm.
Rosa 'Casanova' (Trosrozen)
Rosa 'Galaxy' ® (Trosrozen)
Veel rozen zijn van natuur klimmers en een aantal hiervan o.a. R. gigantea, R. Chinensis en R. moschata zijn belangrijke voorlopers van de moderne rozen. Er is vastgesteld dat het gen voor klimmen dominant is ten opzichte van het struik-gen. Daardoor is het logisch dat er veel klimmende hybride-Theerozen en Floribunda's worden gevonden. Sommige ontstonden als zaailing, andere als sports uit bestaande rassen b.v. 'Climbing Iceberg'. Veel van deze klimmende sports hebben alleen een zomerbloei. Meer recente grootbloemige klimrozen, bloeien in de regel vaker. Rozen klimmen niet vanzelf. ze hebben tenslotte geen klimorganen zoals ranken of hechtwortels. U zult ze moeten vastbinden aan een rek, muur of ze tussen andere grote planten doorleiden.
Zeer kenmerkend voor mosrozen is de mosachtige begroeiing aan de stengels en de knoppen. Deze kan groen tot bruin van kleur zijn. De struikvorm is onregelmatig met vaak lange, schaars gebladerde takken. De bloemen zijn gevuld en goed geurend. De kleur varieert van wit tot diepdonkerrood en er komt zelfs een gele variëteit voor. Er zijn eenmaal bloeiende en doorbloeiende soorten. De snoei is dan ook afhankelijk van de bloeiperiode. Aangezien de meeste soorten eenmaal bloeien, kan er geen voorjaarssnoei worden toegepast. Men snoeit dan immers met de takken de knoppen weg. Na de bloei kunnen verhoute takken verwijderd worden en kan de struik desgewenst worden uitgedund en in vorm gebracht. Verbloemende soorten kunnen zowel na de bloei als in het voorjaar onder handen genomen worden. Bemesting vindt in het voorjaar plaats.
Tot de trosrozen behoren de polyantha's (kleinbloemige trosrozen) en de Floribunda's (grootbloemige trosrozen). Het zijn zeer rijk en langdurig bloeiende rozen met over de gehele struik verdeelde trossen bloemen. De bloemen zijn gelijkmatig van vorm en kunnen in meer of mindere mate gevuld zijn. Over het algemeen zijn ze gezond en probleemloos. Vrijwel alle kleuren zijn beschikbaar en de geur kan variëren van licht tot zeer zwaar. Toepassing: hoewel soms solitair staand al zeer de moeite waard (met name de breed uitgroeiende soorten) geven deze rozen in groepen in al dan niet met buxus, lavendel of andere groenblijvende kruidenplanten omzoomde perken geplant een stevig kleureffect in de tuin, vaak van juni tot het invallen van de vorst. Er zijn variëteiten die voor haagjes geschikt zijn. In borders kunnen trosrozen op kleur gecombineerd worden met vaste planten of juist voor contrast zorgen. Ze zijn met name door hun rijke schermen met bloemen vaak uitermate geschikt als snijroos, immers, 1 tak geeft al een heel boeket.
Poulsen rozen zijn een nieuwe selectie van Deense rozen die elk hun specifieke karaktertrekken vertonen. Deze groep omvat de Palace-rozen die niet hoger worden dan 40cm. Ideaal dus voor uw perk- of bloembakbeplanting. Er zijn ook trosrozen of grootbloemige rozen. Al deze rozen zijn sterk geurend, doorbloeiend en resistent tegen ziektes. De eerste miniatuur-polyantha's waren remonterende (herbloeiende) miniatuurrozen van R. multiflora gekruist met een miniatuur-Chinese roos. Ze waren winterhard en bloemdragend, maar met kleine bloemen zonder geur. Toen ging Poulsen miniatuur-Polyantharozen kruisen met Hybride-Theerozen om de Hybride-Theerozen meer winterhard te maken. Deze worden Poulsen rozen genoemd.
Ramblerrozen, of eenmaalbloeiende klimrozen leveren heel veel, meestal kleine, bloemen in grote trossen die veelal uitstekend geuren. Uit de plantbasis groeien vaak sterke, lange stengels. Ze bloeien uitbundig met veel bloemen, maar slechts éénmaal per jaar. Deze rozen vormen een zeer belangrijke groep, die meer aandacht verdient in de moderne tuin. Ze zijn geschikt voorover grotere bogen en pergola's, klimmend door struiken en in bomen of voor het bedekken van lelijke objecten of gebouwtjes.
Ruffle rozen zijn zo nieuw dat ze kwekersrechtelijk beschermd zijn. Het gaat om kruisingen met bloemen waarvan de bloemblaadjes gegolfd en gefranjerd zijn. Mooie, sterke nieuwe kruisingen met een klassieke, edele uitstraling. Over het algemeen zijn het sterke en stevige planten die rijk doorbloeien en weinig problemen kennen.
Theehybriden zijn ontstaan uit de Chinese theeroos en de Bourbon roos. Over het algemeen kan van oude Chinese theerozen gezegd worden, dat ze erg vorst- en koudegevoelig zijn (dit geldt ook voor de klimmende soorten) en daarom niet bijzonder geschikt voor ons klimaat. De bloemen zijn vrij los. De hieruit ontwikkelde theehybriden bleken wel winterhard en hebben sterkere stengels. Dit zijn de huidige grootbloemige rozen zoals we ze kennen. Meestal hebben ze één bloem per steel, maar dan wel groot en chique en, in tegenstelling tot de oude Engelse rozen zijn ze van boven puntig van vorm. Ook de meeste snijrozen zijn theehybrides.
Het zijn over het algemeen tros-, grootbloemige, patio- of miniatuurrozen die op een stam geoculeerd zijn. Tegenwoordig zijn er ook veel soorten Engelse rozen op stam verkrijgbaar. De stamhoogtes variëren van 40cm tot 180cm. Miniatuurrozen staan meestal op een lage stam, klimrozen worden op een stam van 120-180cm gezet. Er ontstaat dan een treureffect. Stamrozen kunnen veelzijdig toegepast worden, bijvoorbeeld in het centrum van een rozenperk, in grote bloembakken of langs een tuinpad. In de gemengde border zorgen stamrozen voor bloemen op twee niveaus. Stamrozen snoeit u in het voorjaar terug tot 4 à 5 ogen (niet te kort). Treurrozen worden alleen uitgedund en in vorm gebracht. De oculaties kunnen in de winter beschermd worden met dennentakken of stro. Het is heel belangrijk om een goede, stevige en voldoende lange paal of rozenstok naast uw stamroos te plaatsen, anders kan de kroon er afbreken bij harde wind.
Het rozen geslacht kent een uitgebreide indeling. Een paar veelgevraagde en populaire groepen hebben we er voor u uit gelicht. Echter als we naar de indeling kijken zijn er nog veel meer, meer of minder bekende groepen. Deze vindt u allemaal onder deze pagina. Enkele bekende groepen zijn de Gallica-. Muskus. Damascener, Centifolia-, en Alba rozen. De groepen worden meestal bepaald op basis van de voorouders van de kruisingen die binnen een groep vallen. Uitgebreidere beschrijvingen vindt u bij de hybriden.